dimanche 17 mai 2015




Wat is het nuttig effect van een derde bailout?    Oplossen of Doorschuiven?


De Duitse SDP voelt veel voor een derde bailout pakket voor Griekenland. Dit keer hield Gabriel deze lokpeen weer voor de neus van de Griekse ezels.
Uit onderstaande schema is duidelijk dat Griekenland onmogelijk zonder hulp  van buiten aan zijn betalingsverplichtingen van dit jaar kan voldoen. In het volgende schema staat het Engelse bn voor miljard.
De uitbetaling van de laatste tranche, groot 7,2 miljard euro van het tweede bailout pakket is dus noodzakelijk of een overbruggingskrediet tot Griekenland zelf weer geld ophaalt in eigen land.


Dat is echter alleen maar de situatie voor het lopende jaar. Tot 2055 lopen de afbetalingstermijnen van de leningen die Griekenland heeft afgesloten  of in het kader van de twee bailouts heeft ontvangen.
Er is daarbij geen rekening gehouden met nieuwe leningen. Uiteraard zijn de andere uitgaven die Griekenland zal moeten verrichten niet opgenomen, uitsluitend de aangegane leningen. Het zal duidelijk zijn dat een derde bailout pakket zoals nu door Gabriel gesuggereerd nog bij die aangegane schulden zou moeten worden opgeteld. De totale Griekse schuld bedraagt ongeveer 330 miljard euro.
Hieronder het afbetalingsschema tot 2055 en de bedragen die verschuldigd zijn aan de diverse instanties.


Als we vervolgens zien waar het geld van de vorige en  door verlenging nog lopende bailout aan is besteed en we zien het schema van de Griekse afbetalings en rentebetalingen schema tot het jaar 2055 dan valt het niet moeilijk om te beseffen waar het geld van elke nieuwe bailout primair naar toe zal stromen: de afbetaling van de lopende schulden van 330 miljard euro. 



Bij die lopende schulden zal dan ook weer het bedrag van de mogelijke derde bailout opgeteld moeten worden. Het is een zaak van de hond die achter zijn eigen staart aan loopt.

Wat meteen in het oog springt is dat de schulden de komende jaren nog aanmerkelijk zullen toenemen afgezien van de toekenning en Griekse instemming met van een derde bailout.
Zonder herstructurering van die schulden zal Griekenland tot onbepaalde maar zeer lange tijd afhankelijk blijven van financiële steun van de eurozone en mogelijk IMF. Het IMF zal zich echter waarschijnlijk terugtrekken als er geen herstructurering van die schulden plaats zal vinden.

Het Griekse probleem blijft echter niet beperkt tot Griekenland alleen. Ook andere lidstaten hebben te kampen met een schuldenlast van meer dan 100% van het GDP. De eurozone als fictief geheel kampt met een schuldenlast die dicht bij die 100% komt.
Er blijft de komende jaren bij vrijwel alle euro landen  nog een begrotingstekort, hetgeen inhoudt dat de schuldenlast in euros nog jaren lang blijft toenemen en hooguit als percentage van het GDP (bij groei boven de inflatie) afneemt. Omdat de inflatieverwachting in de eurozone de komende jaren nog laag blijft zal ook de waardevermndering van de schulden daardoor gering zijn. 
Dat wil zeggen dat er niet veel ruimte is voor een herstructurering van de Griekse schulden zonder andere lidstaten te benadelen (tenzij de eventuele herstructurering via geldverruiming of mogelijke aflossing over een halve eeuw wordt verschoven, hetgeen een wissel trekken op de toekomstige generaties is).

De groeiprognoses voor Griekenland variëren sterk. Trading economics komt tot waarde van -0,2 tot 0,24 in 2050; EY komt tot ongeveer 2,3%; IMF tot 3%; IC economics tot 0,2 nu, 2,8 in 2020en 1,3 in 2050. Een grote variatie dus. Wat het in werkelijkheid wordt hangt natuurlijk mede af van de uitkomst van de huidige stalemate.
Twee ervan worden verwerkt in de volgende simpele simulaties. 

Allereerst de prognose van het IMF dat rekening houdt met een groei van 3%. Zo'n groei over een langere periode is uitzonderlijk. Begrotingsoverschot van 0,7% lijkt ook positief.


 In die tien jaren is er wel een geringe afname van het schuldbedrag te zien en het percentage ten opzichte van  het BBP (GDP) is teruggelopen naar 130%. Zelfs bij deze zeer positieve prognose is Griekenland nog steeds niet in staat zijn schulden af te betalen op 15 miljard euro na dan. Geld voor het afbetalingsschema aan het begin hiervan getoond is er dus niet. Het houdt, net als de andere simulaties in dat er steeds nieuwe leningen en dus schulden  moeten worden aangegaan om de aflopende af te kunnen betalen.



Een prognose hierboven van trading economics geeft ongeveer het hierboven staande groeibeeld. Bij deze geringe groei is er niet veel verschil met de huidige situatie. 

Hieronder dan een denkbeeldige uiterst gunstige voorstelling.


 Deze bovenstaande prognose ontbeert elke poging tot de werkelijkheid te komen. Wat hij echter aantoont is dat zelfs bij een enorme jaarlijkse groei van vijf procent  en een jaarlijks begrotingsoverschot van 2% het schuldbedrag nog steeds torenhoog is, maw dat er slechts 50 miljard kan worden afgelost en voor de aflopende leningen nieuwe moeten worden afgesloten. 
Wel is door deze groei het schuldpercentage teruggelopen naar 96%. Maar na tien jaar nog ver boven de door de eurozone toegestane 60%. En een langdurende groei van 5% zou zelfs in de USA wel heel onwaarschijnlijk overkomen, laat staan in Griekenland.

Natuurlijk is alles hierboven geschetst een gesimplificeerde weergave van wat er zou kunnen gaan gebeuren. Maar er wordt wel door aannemelijk gemaakt dat ook onder uitzonderlijk gunstige omstandigheden Griekenland over tien jaar nog steeds diep in de zorgen zit.

Dat dat ook voor een aantal andere eurolanden niet is uitgesloten is ook te verwachten.
Overigens zijn dit  natuurlijk mijn persoonlijke overwegingen. Misschien zie ik het veel te somber.  Maar even misschien wordt het door anderen veel te rooskleurig ingeschat.







jeudi 14 mai 2015



Menselijke Arbeid en Robots op de Verdringingstoer

toekomstvisie als nachtmerrie


Enige tijd geleden heb ik een simpel overzicht gemaakt over hoe ik de relatie kapitaal en menselijke arbeid zie.



 
Door dit schema probeerde  ik de wederzijdse financiële afhankelijkheid van de mens en zijn arbeid enerzijds en het kapitaal anderzijds aan te tonen.

De zwarte lijnen geven de gang van oorsprong naar consumenten aan. Neem materiaal zeer ruim op, een geïmporteerd artikel dat verpakt moet worden, valt hieronder, evenals de handelingen van een verkoper van artkelen  in een supermarket, niet alleen de fabricage.
In feite betreft het alle aktiviteiten die tot de belasting op toegevoegde waarde leiden.

De rode lijnen geven de geldstromen aan die voor de procesgang noodzakelijk zijn.

Stel nu een situatie voor waarin de menselijke arbeid totaal wordt vervangen door robots en andere geautomatiseerde technieken. Uitgesloten natuurlijk denken wij, maar die simulatie geeft de onderlinge afhankelijkheid van menselijke arbeid en kapitaal duidelijk aan.
Immers in het geval dat menselijke arbeid niet meer nodig is en dus ook geen inkomsten voor de mensen genereert zijn er ook geen afnemers meer omdat  er dan geen geldstroom van kapitaal naar mens is  is er dus ook geen koopkracht voor afnemers. De mens heeft geen inkomen meer, dus is er geen demand meer en dus levert het kapitaal geen rendement op.
De overheid kan niet ingrijpen want ook die, afhankelijk van belastingen en heffingen, komt droog te staan.

Nogmaals, dit is een ondenkbare situatie maar mijn bedoeling is duidelijk te maken dat er een redelijke verhouding moet zijn tussen de beloning van de menselijke arbeid en het rendement op het kapitaal. Een economische noodzaak want eist het kapitaal een te groot deel op dan vertaalt zich dat in lagere lonen en lagere koopkracht en daardoor juist minder rendement voor het kapitaal en grotere inkomens ongelijkheid.. Het is dus in het belang van beide op de langere termijn om tot zo'n redelijke verhouding te komen. Helaas wordt teveel op de korte termijn gedacht.
Bij een te grote en te langdurige wanverhouding kan dat tot een economische krimp en dus lager BBP leiden en  zal de overheid vervolgens om zijn uitgavenpatroon te kunnen handhaven zijn inkomsten willen vergroten door zowel kapitaal als arbeid zwaarder te belasten. Daardoor ontstaat een zichzelf versterkende cirkelgang van koopkrachtdaling en lastenverzwaring.

Maar het is evenzeer waar dat een loon dat de groei van de inflatie niet bijhoudt juist kan leiden tot een groei van de economie. Dat is zichtbaar in het Verenigd Koninkrijk waar de lonen die prijsverhoging niet geheel hebben gevolgd en daardoor de productiekosten lager werden hetgeen het Britse succes mede kan verklaren. Dat is een van de voordelen voor de staat van een gestage inflatie. Een geruisloze waardevermindering van het geld die niet volledig wordt gecompenseerd. Maar dat kan niet te lang worden doorgezet. Daarom moet nu de productiviteit in het VK verhoogd worden en dat is niet het geval geweest.

Een van de ongetwijfeld niet bedoelde gevolgen van de politiek van de centrale banken om ongeacht de oorzaak ervan te lage inflatie, arbritair dus op 2% gesteld, op die 2% te  brengen door renteverlagingen en geldverruiming zal als gevolg hebben dat arbeid lager beloond wordt en gespaard geld minder opbrengt. Aan de andere kant vloeit er meer geld de kant van het kapitaal op zoals zichtbaar is in de vermogens van grote bedrijven en de kans op een bubble in de aandelenmarkten. Zo kan die redelijke verhouding goed verstoord worden.

Bij een protectionistisch stelsel speelt dit alles  zich af in een gesloten systeem en is controle goed denkbaar. In de globale economie waar productie, service en  consumptie over verschillende open monetaire systemen plaats vindt is dat niet goed mogelijk. Wij zien hoe multinationals zich niet in de productie landen vestigen maar in landen die belasting technisch gezien hun het beste uitkomen. Maar eveneens globaal gezien is er geen verschil in de gevolgen.

Die Welt heeft een Amerikaans onderzoek naar de verdringing van menselijke arbeid door robots en ander geautomatiseerde technieken in Duitsland gedupliceerd. De resultaten zijn neergelegd in de volgende tabel.


 
We moeten deze tabel bezien in combinatie met de voorafgaande. Hier wordt immers weergegeven hoeveel van de menselijke arbeid in de eerste tabel zou kunnen worden overgenomen door robots en soortgelijken.
18 miljoen van de 30 miljoen werknemers zouden kunnen worden verdrongen door machines, robots. Een onthutsend beeld. Natuurlijk, we zien al de massaontslagen in de service sector bij banken en soortgelijke instellingen. Medewerkers die vervangen worden door machines die hetzelfde werk emotieloos voor minder kosten verrichten. Winst is opbrengst min kosten. Dat wil dus zeggen dat er bij dezelfde omzet meer winst wordt gemaakt. Winst gaat naar de kapitaalzijde. Arbeid is een  kostenpost. Die Welt noemt het dan ook een sociale bom.
Dat  wil zeggen aan het einde. Want het overnemen van al dat werk gebeurt sluipend en langzaam. De technische ontwikkelingen bevinden zich immers  nog in een beginstadium. Ook moeten die ontwikkelingskosten zodanig zijn dat het inzetten van de robots een kostenbesparing oplevert. Denk daarbij aan de energiekosten.

De rol van de overheid bij deze ontwikkeling is cruciaal. Bij vroegere economische revoluties ontstonden  er nieuwe andersoortige banen waarvoor wellicht een andere opleiding nodig was, maar dat was oplosbaar. In het geval van de robotisering ziet men dat echter niet als reële mogelijkheid. Dat wil dus zeggen dat de overheden met meer dan de helft van de arbeidsbevolking in de werkloosheid opgezadeld wordt. Dat kan alleen worden opgelost door het  inzetten van robots extra te belasten om geld vrij te maken voor een uitkering aan de nieuwe werklozen. Dan zou zelfs het punt weer kunnen komen dat door die robot belasting de inzet van menselijke arbeid weer kostentechnisch gezien voordeliger zou kunnen zijn. Maar dat maakt het tot een politiek probleem.

In de dertiger jaren van de vorige eeuw schreef  Aldous Huxley zijn roman Brave New World waar het probleem van de aantallen werkenden aangepakt werd door de voortplanting te robotiseren. De rijping  van de embryos vond plaats buiten het moederlichaam in kweek units. Er werden voor elk beroep de benodigde aantallen mensen gekweekt die tijdens de rijping door chemische processen en  geestelijke indoctrinatie voor dat beroep geschikt werden gemaakt en tevreden met hun lot.   
De heersende en dus niet arbeidende klasse verveelde zich deerlijk en werd door het gebruik van "soma", een wat we nu zouden noemen anti-depressief  kalm en tevreden gehouden maar leidde daardoor toch slechts een pover half-bestaan. 
Een in en in triest verhaal. Wordt iets dergelijk onze toekomst?

mardi 12 mai 2015




 Griekenland. Schuldenberg, 
Nationale Trots en  Eurozone


Griekenland geeft veel te veel  stof tot overdenkingen.

2% (om de verhoudingen weer te geven) van de totale eurozone economie. Peanuts, niets,  niemendal. Geen enkele economische reden om het land binnen de eurozone en binnen de EU te houden.
Waarom dan al die omhaal? Er gaat geen week voorbij, sorry, geen dag of Griekenland komt in het nieuws omdat ze nu echt niet die terugbetaling aan het IMF kunnen doen. Verrekt, toch weer gelukt. In de pers heeft Griekenland al minsten twintig keer op de rand van de afgrond gebalanceerd om op het laatste moment toch weer overeind te komen.
Wat heeft dat verrekte land dan toch dat het zoveel veerkracht heeft en dat de eurozone het niet wil laten gaan?
Het antwoord is zo simpel dat het ongeloofwaardig is.  Schulden, schulden.
Nu is een schuldenprobleem in Griekenland niet iets ongewoons. Voor ze in 2001 de eurozone inwalsten (of ingewalst werden raad een door wie?) hadden ze al een lange historie aan schuld en devaluatie achter zich.
Maar binnen de eurozone was zo'n devaluatie uitgesloten.
In 2010 was de Griekse schuldentoestand toestand na een aantal jaren van bloemrijk overdreven begrotingen die niet meer vol te houden waren weer aan devaluatie toe maar zoals ik al zei, binnen de eurozone was devaluatie niet mogelijk door de gezamenlijke munt.
De keus was dus uit de eurozone en devaluatie of binnen de eurozone naar een oplossing zoeken.
Die oplossing kwam in de vorm van een door het verdrag van Lissabon verboden bailout, een directe steun aan een lidstaat. De reden was dat een uittreden uit de eurozone een eurozone bankencrisis zou hebben veroorzaakt.
De bailout was in feite een verschuiving van de Griekse schuld van banken naar de Eurozone en IMF, van private crediteuren naar goevernementele. Maar die schulden bleven voor rekening van Griekenland. Niet een stimulans voor de Griekse economie. Het was een redding van de banken en de eurozone. Niet van Griekenland. Griekenland bleef met de schulden achter en daarbij opgelegde bezuinigingen en hervormingen die het land economisch deden instorten, 25% lagere BBP, meer dan 25% werkeloosheid.
In 2012 was de situatie in Griekenland zo ernstig dat de crediteuren in een schuldensanering moesten toestemmen. Van 50 tot 70% van de schulden van niet goevernementele crediteuren  werden kwijtgescholden of omgezet. De grote meerderheid van de crediteuren  stemden erin toe en verloren zo meer dan de helft van hun vorderingen op Griekenland. Maar de goevernementele crediteuren, IMF, EU en eurozone deden niet meer aan deze haircut, hun bailout vorderingen op Griekenland bleven bestaan en een tweede bailout aan Griekenland om het land wederom voor default te behoeden deed deze schulden nog verder aanzwellen.

verdeling van de Griekse schulden over de crediteuren
 Lees voor EFSF het ESM dat alle verplichtingen heeft overgenomen. 

laatste gegevens volgend de World Debt Clock (anders danb die van de EU)
BBP 172.690 miljard euros;  staatsschuld 337,730 miljard;  195%  van het BBP;
rente 22,2 miljard per jaar; inwoners 11.027.100.

Die schuld nu is het cruciale punt.
Griekenland is niet in staat de schulden terug te betalen. Met de grootste moeite zijn de meest recente terugbetalingen aan het IMF, de hoogst preferente schuldeiser, gebeurd. De eurozone lijkt te wachten op het moment dat Griekenland moet verzaken en moet toegeven aan de eisen van de eurozone voor de uitbetaling van de 7,2 miljard euro van de laatste tranche bailout twee vrijkomt. Voor Griekenland alleen voor afbetaling schulden en betaling pensioenen en salarissen. Geen soelaas voor de economie. Daarna wellicht een derde bailout met nog strengere voorwaarden.
Griekenland daarentegen wil geen derde bailout en geen verdere voorwaarden en geen verder toezicht (= bestuur door) de Troika, de Eurozone, ECB en IMF. Zij willen een overgangskrediet (overigens geen enkele kans daarop) om verder zelfstandig binnen de eurozone door te kunnen gaan.
De eurozone eist vasthouden aan alle opgelegde voorwaarden en daarna nog strengere.
Griekenland wijst erop dat juist die opgelegde voorwaarden de economie hebben doen instorten.
Het eindspel wordt dus ingezet door de eurozone zonder enige concessies en door Griekenland met een rode lijn, voorzieningen waaraan niet getornd mag worden.
Geen van beiden wil toegeven. Alle Griekse voorstellen lopen stuk op de eurozone die concessies weigert en de eis van de eurozone, onvoorwaardelijk toegeven aan de voorwaarden loopt stuk op de Griekse "rode lijn" van zaken waarover niet gepraat kan worden.
Zo wordt al maanden en maanden vergaderd zonder enige echte vooruitgang.
De eurozone wacht op het moment dat Griekenland niet meer kan betalen en default om dan toe te slaan.
Griekenland wacht op het moment dat de eurozone moet toegeven dat een Griekse default en exit de gehele eurozone in gevaar brengt.

Een complicatie is dat het IMF iets welwillender staat tegenover Griekenlands problemen.
Een andere complicatie is dat uit geheime notulen zou blijken dat het in 2010 inderdaad niet om Griekenland ging maar om de banken en de eurozone.
Ook schijnt te blijken dat ook bij de Ierse bailout financiële druk is uitgeoefend om een bailout te aanvaarden.
Vandaag wijdt de Financial Telegraph een gedegen  artikel aan deze kwestie:
"Greece's war cabinet prepares to battle EU creditors as anger mounts", waarin ook de betrokkenheid van Rusland en de VS wordt genoemd.

Waar men vrij weinig over hoort is de positie van Griekenland na een default. Griekenland kan lid van de eurozone blijven want de eurozone kan het land niet als lidstaat uitstoten. Eens eurozone altijd eurozone. Maar dat houdt in dat de bescherming die Draghi via zijn belofte om de euro kost wat kost te redden ook voor Griekenland blijft gelden. Politiek mag de ECB zich er immers niet in mengen, alleen de prijstabiliteit van de euro moet beschermd worden.  Probeer dat maar te interpreteren. De Grieken beschuldigen de ECB ervan hun mandaat verre te overschrijden.

Default houdt in dat Griekenland de schulden niet kan betalen. 17% ervan is aan private schuldeisers en Griekse banken maar de rest is aan het IMF, ECB  en Eurozone. Daar komt ook nog een fikse portie schuld via het target 2 systeem bij.
Hoe wordt dat verrekend, want voor de ECB zijn de lidstaten financieel aansprakelijk, hetgeen ook geldt voor het ESM (=eurozone).
Zal de ECB het doen verzinken in zijn geldverruiming? Zal het ESM het pas in het oneindige terugeisen (zoals nu in feite al bijna)?  Of zal er toch, net als in 2012 met de private schuldeisers nu toch een haircut komen met de goevernementele (van zeg 50%) zoals het IFM suggereert.
Dat zal niet goed vallen bij al die lidstaten die zelf gebaat zouden zijn bij een gedeeltelijke schuldkwijtschelding. Of zal alle schuld  de waarde verliezen door een overdadige  inflatie?
Een ding is zeker, de lidstaten zullen die schuldenvloed niet graag op hun balans zien.

Griekenland is niet erg,  maar de schuldenverrekening wel.

Als ochtend aanvulling hierop: Vanochtend hoorde ik weer dat de ECB de geldkaan voor Griekenland verder zou kunnen dichtdraaien. Er werd geopperd dat dat niet de taak van de ECB is maar van de Europese Commissie. De ECB mag zich immers (officieel) niet met de politiek bemoeien. Maar de ECB is onafhankelijk en laat zich niet door de politiek voorschrijven wat te doen.
Maar als de ECB zelf de geldkraan verder dichtdraait heeft dat duidelijk politieke consequenties en de ECB zou buiten haar mandaat gaan door zich met politieke zaken in te laten. De bescherming van de prijsstabiliteit en de waarde van de euro in het geding te brengen doet daar niets aan af.
Maar de ECB wast ook de handen in onschuld wat de koersval van de euro als gevolg van  de QE betreft, dat is een onbedoeld bijverschijnsel,  maar wel oorzakelijk verbonden aan de QE.
Geen rechter zou daar intrappen.

Het S&G verdrag (overigens alleen geldend voor de eurozone leden en mede ondertekenaars) dat de eurozone regelt bevat allerlei voorschriften en strafmaatregelen maar voorziet niet in het uit de euro bannen van lidstaten.
Dat alles omdat in 2010 de bepaling over het verbieden van onderlinge directe financiële steun van lidstaten aan lidstaten alsook directe steun door de ECB werd genegeerd met de eerste bailout.
Door het instellen van het ESM werd daarna die bepaling omzeild. Maar het ESM is wel een ontkrachting van de bedoeling van het verdrag van Lissabon en daaruit zijn al de huidige impasses en crises het gevolg. Niet bedoeld maar wel het geval.
En het gebrek aan liquiditeit van Griekenland nadert het punt van lege schatkist. Buigen noch Griekenland noch de andere 18 dan volgt de default. Dan blijft Griekenland in de eurozone, kan daardoor niet devaluerenen maar kunnen alle strafmaatregelen uit het S&G verdrag erop worden losgelaten. Maar dat lost het schuldenprobleem niet op.
Een rare en nare situatie.
En Griekenland kan zelf officieel ook niet uit de eurozone stappen. Daar is evenmin in voorzien. Wel  uit de EU en dat houdt automatisch in ook uit de eurozone want dat lidmaatschap is voorbehouden aan EU lidstaten. Mocht Griekenland tegen de regels in wel uit de eurozone stappen dan neemt men aan dat het daarmee ook het lidmaatschap van de EU verliest want de euro is immers het verplichte einddoel van alle EU lidstaten. 
Sommigen suggereren zelfs een tijdelijk uit de euro stappen om daarna als aan de criteria voor toetreding weer  wordt voldaan wederom eurozone lid te worden. Ik zie Griekenland in dat geval toch niet opnieuw lid worden. Het waarom zal voor iedereen duidelijk zijn.

De EU is ontworpen voor voortdurend succes, niet voor  tegenslagen. Geblinddoekt vooruit.




dimanche 10 mai 2015



De Vrijhandelszone en Groot Brittannië

de zondagmiddag overpeinzingen

Ook in het Buitenhof is Cameron een gewild onderwerp, nu niet meer aan de leiband van Clegg die elk ochtend het tegenovergestelde beweerde van wat Cameron de dag ervoor had gezegd.
De standpunten van links en niet links klonken duidelijk door in Buitenhof. Gelukkig waren beiden het erover eens dat het verdrag van Lissabon voldoende ruimte bood om Cameron op het  gebied van de ongewenste  migratie bijvoorbeeld tegemoet te komen.
Het meest op dat gebied is immers in directieven en aanwijzingen geregeld zoals bijvoorbeeld de jobseekers kwestie en die beide hebben niet het heilige van het verdrag (tenminste als het zo uitkomt gezien de behandeling van de no-bailout paragraaf in het verdrag die handig omzeild werd door het ESM in te stellen).
Directieven en aanwijzingen kunnen gewijzigd of uitgewist worden zonder het verdrag van Lissabon aan te tasten, zonder verdrag wijziging noodzakelijk te maken en dat laatste zou het einde van de EU betekenen.

Opnieuw kwam de import en export positie van het VK als belangrijke factor naar voren. Jazeker, maar allereerst voor beide belangrijk (en het VK importeert meer van de andere leden dan het exporteert naar die leden) en het is voor beide partijen dan ook nuttig ook  buiten het verdrag van Lissabon die situatie in stand te houden. En dan zonder de voorwaarden aan Noorwegen opgelegd.
Overigens is het absurd het voor te stellen of bij uittreden van het VK de handel ermee geheel stil zou vallen. Handel is niet totaal afhankelijk van landsgrenzen maar van economisch voordeel. Daarenboven is het VK dan ook niet meer afhankelijk van het alleenrecht van de EU om handelsverdragen te sluiten maar kan dat dan weer zelf doen.

Ook het argument dat het VK met de regelmaat van een klok dwarsligt klinkt vals. Andere lidstaten verzetten zich ook tegen hen onwelgevallige regels. Zelfs Duitsland, toch wel de meest fanatieke eurofiel heeft zich (ook vruchteloos) verzet tegen ESM, bankenunie etc. En de Franse kreet dat zij zelf wel uitmaken wat zij willen doen is ook niet onbekend.
Tenslotte is het ook zo dat behoorlijk wat lidstaten zich steeds krachtiger gaan afzetten tegen de Brusselse regelzucht en dat bij de bevolkingen het euro cynisme sterk groeit.
Je kunt geen EU beheren zonder instemming van degenen om wie het gaat, de bevolkingen en dat wordt in de EU en de eurozone onder het tapijt geveegd.
Er is een ook een groot verschil tussen zich verzetten tegen de groeiende macht en heerszucht van Brussel en wel het nut inzien van een Europese Unie en het verwerpen van zo'n unie zelf.
Het ene kan heel goed en het is ook nuttig die macht goed in de gaten te houden zonder het principe te verwerpen.
Wat het VK in meerderheid wil is een andere Europese Unie, niet een verwerpen ervan. Maar als het eerste niet mogelijk blijkt is het andere niet uitgesloten.
Bevolkingen zijn geen mathematische eenheid. Niet alleen in dit geval. Zo rijst er ook verzet tegen de mainstream economie die uit het oog dreigt te verliezen dat menselijk gedrag niet mathematisch te benaderen valt. De tijd van Skinner toen aangenomen werd dat de mens als onbeschreven blad ter wereld kwam en via stimulus en respons en beloning van juiste respons als klei gekneed werd is toch voorbij. Men kan zo geen eenheidsmens maken. Bij de EU krijg je het idee dat men die gelijkvormigheid en gelijkheid toch op die manier tot stand wil brengen door regelgeving en bestraffing..
Bij de economie zien we die wetmatigheid ook weer terug: inflatie is nodig want dan gaat men kopen, bij deflatie houdt men de hand op de knip. 
Dat de eerste levensbehoeften, en die zijn het belangrijkst, altijd gekocht moeten worden wil men niet omkomen van honger wordt even vergeten en ook dat een kapot fornuis toch vervangen moet worden. En dat de meerderheid trouwens niet de middelen heeft om meer te doen dan dat.
Human behaviour, niet mechanisch maar ook emotioneel valt niet in formules vast te leggen. Net als percentages abstracties zijn die verhoudingen vastleggen, geen kwantiteiten of hoeveelheden. Bij een aantal van tien is tien procent daarvan slechts 1, bij een aantal van honderd duizend is het 10.000. Daarin ligt het verschil. Daarom werkt men zo graag met procenten, zij verabstracteren de werkelijkheid. Zij zien de mensen achter het percentteken niet. En het gaat tenslotte juist om die mensen.
Zo werkt Brussel ook.


samedi 9 mai 2015



De Maand der wonderen



In enkele weken is het Europese toneel drastisch gewijzigd tot verbijstering en soms ontzetting van analisten, economen en politici. 

Afgelopen was het met de negatieve rente op staatsobligaties en de onbegrijpelijk  lage rente voor de obligatie van zwakke euro landen, ondanks de 60 miljard euros per maand  injectie in banken cash geld.
Enkele weken geleden nog maar 0,1% yield voor 10 jaars Duitse obligaties, donderdag jl snel gestegen tot 0,8% en daarna gezakt naar 0,57%.
Al enige tijd is de vrees voor deflatie aan het afnemen en werd er zelfs al gesproken over een dreigende inflatie. Missschien dat die omslag in denken meegewerkt heeft. Of is het de vrees voor een snelle renteverhoging door de FED en de BOE.
Maar dat kan toch niet die plostelinge drang om Duitse obligaties, toch van een financiëel bijzonder betrouwbaar land van de hand te doen verklaren, noch de yield, de rente voor andere eurozone obligaties te laten oplopen.

Dat is niet het enige. Enkele weken geleden was de val van de euro gevorderd tot 1,06 dollar. Analisten voorspelden een verdere daling ervan tot pariteit met de dollar, 1 euro voor 1 dollar bereikt zou zijn  en waaghalzen lieten in hun gedachten de koers van de euro zelfs nog verder zakken. Maar, ondanks de ECB QE steeg de koers weer tot vandaag,  1.12 dollar.
De groei in de USA leek ineens veel minder standvastig dan voorspeld hoewel de nieuwe banen schepping in april niet tegenviel. Maar de grote groei was eruit of eigenlijk er nog niet geweest.
Groot Brittannië zag eveneens zijn stevige groei inzakken ondanks de voorspellingen van de economische wizards. Zo vlak voor de verkiezingen geen goed voorteken.
Maar in de USA en het VK was de QE al verleden tijd. en juist nu was Draghi er in de eurozone mee begonnen. Dus werd in beide gevallen met scheve ogen gekeken naar Draghi die met zijn QE van 1140 miljard euro, ervoor had gezorgd dat de euro zo stevig in waarde daalde en daardoor de import uit de USA in de eurozone flink duurder werd en datzelfde gold voor de import uit het Verenigd Koninkrijk.
In Duitsland bijvoorbeeld nam de import door die hogere prijzen flink af.
Vergeleken daarbij leek de eurozone in groei beide landen voorbij te streven, althans naar de mening van sommige analisten.
De werkelijkheid was wat genuancerder. Ierland en Spanje, beide landen in diepe financiele problemen en flink weggezakt, groeiden inderdaad flink maar dat wil nog niet zeggen dat zij uit de gevarenzone waren gestegen noch dat zij hun positie van voor 2008 hadden bereikt. Oostenrijk en Frankrijk daarentegen vertoonden geen groei en boden een zorgelijke aanblik.
Zelfs Duitsland, de grote meester en motor van de eurozone was niet tevreden. Volgens die Welt profiteert Duitsland nauwelijks van de goedkope euro. Wel is de uitvoer gestegen maar de opdrachten uit het buitenland in het eerste kwartaal 2015 zijn met 3,3% teruggelopen en de binnenlandse omzet is met slechts 0,9% gestegen, de industriële productie gelijk gebleven. Geen reden tot juichen dus voor die Welt.
Maar de export is wel in één jaar tijds van 95,5 miljard naar 107,5 miljard gestegen. Hogere export dan ooit tevoren. Veel andere eurolanden zouden dik tevreden zijn.
Maar om nu over de gehele eurozone te jubelen was dus een beetje overdreven. En dan praten we nog niet over het voortdurende drama van Griekenland dat van afgewezen voorstel naar volgend afgewezen voorstel worstelt met de eurozone rekenmeesters die net als de Jager indertijd elke geleende euro met rente willen terugzien en intussen steeds verder in de financiele ellende wordt gestort.

Om de wonderbaarlijke gebeurtenissen nog af te troeven heeft Cameron met zijn Tories een even belangrijke als onverwachte verkiezingszege behaald. Terwijl de deskundigen een nek aan nek race bij de verkiezingen hadden voorzien en eigenlijk rekenden op een toekomstig Labour kabinet aangevuld met wellicht de Schotse Nationale Partij werd bij de exit polls al duidelijk dat zij er grandioos naast hadden gezeten. Met 331 zetels in dat ondoorzichtige districtenstelsel behaalde Cameron niet alleen een verkiezingszege maar zelfs een absolute meerderheid. Welk een luxe na al die jaren met de Lib Dems die steeds niet wilden wat de Tories nu wel wilden. Gewoon weer de eigen politiek door kunnen voeren.
Ook de Schotten zorgden voor een sensatie door Labour in het verre noorden weg te vagen en op enkele na alle Schotse zetels in het parlement veroverden. Helaas op Labour.

Deze overwinning is in linkse kringen ingeslagen als een bom. En niet alleen in Groot Brittanniës linkse kringen maar ook in Brussel waar Juncker enkele weken geleden nog de vloer aanveegde met Cameron en diens wensen tot aanpassingen in de EU verdragen. Zeer waarschijnlijk ook gesteund door de mening van deskundigen die een de EU goed gezinde linkse coalitie in het VK voorzagen.
Nu komt het door Cameron beloofde referendum voor eind 2017 er. En onder de Tory parlementsleden zijn heel wat euro sceptici. En hoewel Cameron voorstander van de EU is is hij dat niet van de EU in de huidige vorm.
Juncker zal zich dus wat achter de oren krabben met deze verkiezingsuitslag. Het EU veld ziet er ineens anders uit. 

En zoals de Independent kopte:
 "General election 2015: Conservative majority will erode within months', Alex Salmond claims".
Lekker zuur. 

Je kunt echt wel zeggen dat mei 2015 de maand van de wonderen is.
En niet de maand van analisten en deskundigen.




mercredi 6 mai 2015



Kun je geld vergelijken met het heelal?


Het heelal is uit het niets ontstaan en dijt nog steeds uit
Die uitdijing kan oneindig doorgaan. Het heelal kent geen einde.
Het geld is ook uit het niets ontstaan en de geldhoeveelheid dijt ook nog steeds uit.
De vraag is nu of die uitdijing ook oneindig kan doorgaan.
Ik heb in een vorig blog met grafieken aangetoond dat de prijsstijgingen (=inflatiegevolg) op de voet gevolgd worden door loonsverhogingen die evenwel na ijlen. Als dit inderdaad het ideale centrale banken beeld is en tot in het oneindige doorgaat zal ook de geldhoeveelheid zo moeten uitdijen
Als je de centrale banken bezig ziet moet je wel denken dat die dat inderdaad van mening zijn.

Het ideale beeld voor centrale banken is prijsstabiliteit door inflatiebeheersing. 
Arbitrair wordt een inflatiepercentage van twee gezien als dat ideaal. Het noodt tot kopen uit angst voor stijgende prijzen en het verlaagt de koopkracht van de consumenten door die stijging. Het verlaagt het ook de reële loonkosten door de loonsverhogingen door de vakbonden in onderhandelingen afgedwongen onder de reële prijsstijgingen te houden. De inflatie wordt immers berekend over de core producten en niet de juist prijsgevoelige eerste levensbehoeftes.
De banken proberen die 2% inflatie te bereiken ondanks de bewegingen in de echte economie, die zij denken te kunnen sturen door monetaire ingrepen met welke schone bewoordingen wordt bedoeld rentemanipulatie en als dat niet werkt extra geld creëren.
Helaas moet worden vastgesteld dat dat in de harde praktijk niet lukt. Die 2% lijkt onbereikbaar.In de VS, in het UK en in Japan en vrijweloveral in de wereld.
In plaats van de remedie (rente en geldscheppen) hiervan de schuld te geven vindt men dat de centrale banken te weinig wapengeweld hebben en dat dat verhoogd kan worden door die ideale inflatie op 4% te stellen. De taktiek van meer van hetzelfde dus. 
Zo kan in tijden van grote groei een reserve en dus meer speelruimte voor de centrale banken voor somberder tijden worden geschapen. Het woord speelruimte klinkt akelig in deze context.
De practische vraag is vanzelfsprekend, als het al niet lukt op tot 2% inflatie te komen, zoals de afgelopen jaren blijkt, hoe kun je dan 4% als haalbare doelstelling aannemen. 
En stel dat het haalbaar zou zijn dan zou de inflatie en dus het prijspeil in tien jaar tijd met bijna 50 procent (de stijging is immers cumulatief) zijn opgelopen oftewel de waarde van het geld met 50% zijn gedaald en de geldhoeveelheid  evenredig juist zijn gegroeid.  Daar zou een jaarlijkse echte groei (dus groter dan de inflatie) tegenover moeten staan om die waarde minder te laten dalen. 

Het grote voordeel is natuurlijk dat de huidige wereld schuldenlast (staat en de rest) van meer dan 199 biljoen dollar, meer dan 280% van de wereld output ook zoveel procent in waarde is gezakt. Voor debtors een voordeel voor schuldeisers een strop en voor spaarders en allen die van welke soort van spaargeld (pensioenen) ook leven een strop. Ook voor de gesalarieerden een nadeel omdat de loonsverhogingen lager zullen zijn dan de prijsstijgingen. Piketti.
Maar dat het geld niet eeuwig kan uitdijen zoals het heelal is duidelijk ook al zouden onze hulpbronnen onuitputtelijk zijn.

Natuurlijk zijn dit alleen maar overpeinzingen. Maar dat er something rotten is in onze drift van leven op de steeds grotere  pof en dat er op een gegeven moment een crash moet komen is zeker. 
Maar kan het tij gekeerd worden? Veel wordt er over geschreven en gepraat maar het schulden vergroten gaat onverdroten door. Want prognoses vol percentages verdoezelen veel.


lundi 4 mai 2015



Het valt niet meer te volgen

Er was een moment vorige week dat men werkelijk kon denken dat eindelijk de echte marktwerking bezig was. De USA productie zakte in, de Engelse eveneens als bestraffing van de hoge dollar en  de hoge pound koers die de export behoorlijk deed dalen en dus de koersen omlaag drong en daarmee de euro tot een koers van 1,12 dollar liet stijgen ten opzichte van de dalende dollar.
Het was zelfs afgelopen met de negatieve yields (= geld toe ) voor de Duitse en zelfs Portugese obligaties, de obligatiekoersen daalden.
Wat minder goed viel in de USA was dat daardoor het tijdstip dat een verhoging van de rente onvermijdelijk zou zijn weer verder werd weggeschoven. Grote rimpels in de hoofden van de analisten. 
Wie had dat nu gedacht. Dat de centrale bank geleide economie moest zwichten voor de echte economie.
Tja, de importprijzen en dus inkoopprijzen voor de industrie begonnen wel te klimmen in de eurozone waar de oude goedkopere voorraden op gingen raken maar de exportvoordelen vooral voor Duitsland en Nederland deden zich goed gelden.
Ging het nu werkelijk ineens zo goed in de eurozone dat de eurokoers kon stijgen?
De Purchasing Managers Index over april door Markit Economics gaf het volgende  beeld.



Inderdaad enige groei maar minder dan in de vorige maanden waarbij Griekenland en Frankrijk ver achter bleven bij de rest in beide een flinke krimp. In Oostenrijk krimpt de productie al zeven maanden en stagneert nu. In Duitsland en Ierland is de groei vertraagd.
Prijzen zijn licht gestegen en de werkgelegenheid neemt sneller toe.

De recessie is dus hopelijk voorbij behalve in Frankrijk en Oostenrijk om Griekenland even buiten beschouwing te laten. Maar de groei was al begonnen voor de ECB QE startte, dus in hoeverre die van invloed is zal nog moeten blijken. Maar of die groei nu de stijging van de eurokoers verklaart lijkt twijfelachtig.

Voor de USA geldt dat in april de geringste groei in productie was over de laatste vier maanden en dat de export orders voor het eerst sinds november 2014 dalen. De PMI daalde van 55,7 in maart naar 54,2 in april. De sleutel voor de lagere groei was de tegenvallende export, daling van het concurrentievermogen door de dure dollar.
Dat daarbij de zwakke euro een belangrijke rol speelt door het economsche sterke machtsblok van de eurozone als een belangrijke handelspartner voor de USA is duidelijk. In 2014 was er al een handelsoverschot voor de eurozone USA van 80 miljard euro en met de dalende euro en stijgende dollar wordt dat nog gunstiger. De ECB QE heeft hier een voor de eurozone positieve invloed.

Voor het Verenigd Koninkrijk geldt hetzelfde beeld, in maart was de PMI nog 54,4 en is in april totaal onverwacht geduikeld naar 51,9 een wel heel abrupte val. Ook de GDP zakte van 0,7% naar 0,3% weg in april. De vinger wees overduidelijk naar de QE van de ECB die de koers van de euro zo deed dalen ook ten opzichte van het pond tot wel 15%..

Dus hoewel het ernaar uitzag dat de stijging van de euro een echt economisch gegeven was is het in feite de reactie van de economie in het VK en de USA  op de ingrepen van de ECB. Men kan zich voorstellen dat deze gevolgen, hoewel door de ECB volgens hun verklaringen niet bedoeld, niet in dank door de beide landen zijn ontvangen.

Een ander vreemd verschijnsel is dat de vrees voor deflatie globaal van tafel schijnt te zijn. Dat wordt weerspiegeld in de hogere yield (renteobrengst) van obligaties die erop wijzen dat men inflatie verwacht. Ook in de eurozone lijkt jaar op jaar vergeleken met vorig jaar  geen verandering in de inflatie geweest te zijn.
Tot mijn verbazing klinkt nu dus ineens weer een  bezorgdheid voor inflatie. Toch is dat is niet zo verwonderlijk. Er zwerft immers 9 biljoen extra dollars rond, de ECB creëert nog eens 1140 miljard euros, de geldhoeveelheid in de wereld neemt daarnaast door inflatie gestaag toe, de stijging in asset prices geeft aan dat de echte waarde (als die nog bestaat na de afschaffing van de gouden standaard) van het geld daalt. De schulden (staats en niet staats) in de wereld nemen angstwekkende niet meer uit te balanceren vormen aan. Tegenover elke schuld moet een asset staan, tegenover elke schuld een schuldeiser. Die balans is hopeloos zoek en raakt nog steeds verder uit balans.

Wordt het de run van de geldpersen om de gevolgen nog langer te proberen te maskeren dan is het einde zoek of liever gezegd dan komt het..