mardi 14 novembre 2017

Quantitative Easing, Uiterst Lage Rente en de Schuldenberg in de Zwakke Eurolanden
Gaat het om Inflatie of om steun aan zwakke eurolanden

Mijn amateuristische visie is  dat een korte grote geldinjectie in de economie deze een flinke stimulans kan geven waarna ze op eigen kracht verder groeit.
Maar als dat niet blijkt te voldoen zou het  dan wel lukken die economie op gang te brengen door steeds maar door  door te gaan met deze geldvloed te scheppen en met dat nieuw bijgedrukt geld waardepapieren op te kopen van banken en bedrijven en zo gigantisch bedragen vrij te maken voor die banken en bedrijven om te investeren (door de grote vier centrale banken nu plus minus omgerekend 11 biljoen dollar).
Net zo lang tot de inflatie tot net onder de twee procent zou zijn opgelopen.
Dat kan er bij mij niet in.
In dat geval loopt het, zo denk ik, erop uit, zoals in de eurozone duidelijk is, de structurele zwakte van de economie in een aantal eurolanden te verhullen door die steun van het nieuw geschapen geld.
Eigenlijk heeft Draghi dat ook gezegd toen hij wat dan ook beloofde om de euro in stand te houden.

Dat de economie nu in de eurolanden, zij het in per land verschillend tempo, aantrekt en de gevolgen van de grote 2007 crisis begint te compenseren (zoals in de USA al achter de rug is) is naar mijn amateuristisch inzicht niet het resultaat van die geldschepperij maar van een aantrekkende wereldeconomie waarvan ook de eurozone (net als de andere EU landen die geen euro gebruiken maar een eigen munt en eigen Centrale Bank hebben) tenslotte profiteert.
Een cyclische opleving zoals er na de tweede wereldoorlog al meer zijn geweest.
Veroorzaakt door menselijke gevoelens van eerst wantrouwen en daarna vertrouwen, onvoorspelbaar zoals ook nu weer.

Dat Draghi met zijn QE, het opkopen van staatsobligaties van eurolanden met 2,5 biljoen nieuw bijgedrukte euros, en Lage Rente Politiek  de eurozone kunstmatig in stand  gehouden heeft is eveneens duidelijk (zij het dat Duitsland door de Griekse Redding  toe te staan daarbij in feite de hoofdrol heeft gespeeld, zo denk ik).
Dat zulks eerder een politieke noodzaak was dan een economische lijkt mij voor de hand te liggen.
Want in de niet euro EU landen gaat het economisch zeker niet slechter dan in de eurolanden en ook in die niet eurolanden groeit de economie sterker.

Maar bijwerkingen van dit overeindhouden, lage rente  en geld scheppen zijn er ook.
De beurzen houden met argusogen de bewegingen van de Centrale Banken in de gaten.
Elke suggestie over het al dan niet voortzetten of verminderen van de maandelijkse tientallen miljarden injectie werkt in die markten als een rode lap op een stier.
Als ik de idee heb, dat de beurskoersen kunstmatig hoog gehouduen worden door die geldstroom wordt dat bevestigd door de bewegingen van die koersen op de maat van de Centrale Banken voornemens.
Daarbij speelt ook de rentepolitiek van de Centrale Banken zijn rol.
Door die lage (soms negatieve rente) is er weinig eer te behalen op het obligatieterrein.
De gevolgen van die lage rente voor obligaties wordt versterkt omdat in de eurozone de ECB elke maand voor gemiddeld 60 miljard aan staatsobligaties en bedrijvenobligaties opkoopt.
Daardoor zakt de yield, de rente op die obligaties, soms zelfs onder het nulpunt en geld wordt toegegeven bij die aankopen.
Een ongezonde toestand maar gunstig voor de eurolanden met overgrote schulden waarvan zo de rentelasten nog betaalbaar zijn
De banken moeten dat nieuwe geld ergens investeren.
Het deponeren ervan bij de ECB is uitgesloten door de boete die de banken dan moeten betalen.
De bedrijven hebben ook niet veel belangstelling.
Zij investeren alleen maar als daar een toekomstige winstgevendheid tegenover staat.
Of zij lenen geld tegen die voordelige tarieven om aandelen van het bedrijf terug te kopen.
Of zij lenen geld om het bedrijf in stand te houden.
Dus moesten de banken bijvoorbeeld investeren in emerging economies met groter risico en dus hogere rente
Door de uiterst lage rente is het dus zeer voordelig lenen, voor staat, bedrijf en particulier.
Daardoor kunnen tenslotte  blazen, bubbles, in gebouwen en assets ontstaan, een intrinsieke veel lagere waarde dan de monetaire.

Spaarders worden daarentegen getroffen door de uiterst lage rente, of in het geheel geen rente op hun spaargeld terwijl de inflatie, zo’n 1,5% per jaar toch doorgaat en er zo een flinke ontwaarding van hun spaargeld optreedt.
Een  andere uitweg lijkt te zijn ook te investeren in aandelen die daardoor weer in prijs stijgen door de vergrote vraag.

In al die gevallen loert het risico dat als de rente gaat stijgen de rekening gepresenteerd wordt: de rente op leningen onhoudbaar wordt en de aandelenmarkt minder aantrekkelijk.

De wereldschuld is nog nooit zo hoog geweest, van  staten, bedrijven en particulieren.
De eurozone staat hoog op de ranglijst van grootste staatsschulden, een aantal eurolanden heeft ver boven de 100% schuld, vrijwel alle boven de door de Verdragen toegestane 60%.
De eurozone banken kampen met een overmaat aan moeilijk of oninbare leningen, de NPL, Non Performing Loans, oftewel leningen die niets opbrengen.
Ook door leningen aan bedrijven die zonder dat niet rendabel zouden zijn.
Wat dat betreft hebben de USA banken, gedwongen door de staat, eerder orde op zaken gesteld en zijn daardoor stabieler dan de Eurozone banken.
Daardoor heeft de FED wat meer speelruimte dan de ECB.
En de ECB vindt het nodig  het losse monetaire beleid voort te zetten met herinvestering van afgeloste obligaties in zijn bezit (dus voor maximaal 2,5 biljoen euro) en volgend jaar per maand nog 30 miljard euro bijdrukken voor aankoop van nieuwe obligaties.
In feite gedurende een onbepaalde periode.

Die aankoop van nieuwe obligaties en opnieuw afsluiten van aflopende obligatieleningen gaat dus gewoon door, voor onbepaalde tijd.
Daardoor en daarnaast blijft door dat rentebeleid de rente lange tijd laag, zelfs onbepaalde tijd.
Die money glut, geld overvloed van 2,5 biljoen euro blijft dus in de markt zweven en wordt niet langzaam, zoals in de USA, uit de circulatie gehaald.
Dat is naar mijn idee de enige mogelijkheid om de rente op de hoge schuldenlast van de meeste eurolanden betaalbaar te houden.
De ECB kan dus niet anders.

Maar het vergroot ook het verschil in inkomens tussen de grote meerderheid van de bevolking en de rijken doordat spaargeld verlies oplevert (lage inflatie maar nog lagere of geen of zelfs straf rente) en door de steeds grotere geldvoorraad assets en aandelen  in waarde juist toenemen.
Bovendien profiteren in de eurozone de rijke eurolanden meer van die steun dan de zwakkere zodat ook daar de verschillen tussen zwak en sterk toenemen.
Door het gemakkelijke kunnen lenen tegen super lage rente kunnen veel bedrijven die eigenlijk niet winstgevend zijn toch het hoofd boven water houden.
Als de rente eenmaal gaat stijgen is dat voorbij en zullen ze de deuren moeten sluiten waarbij de banken kunnen fluiten naar het door hen aan deze ondernemingen geleende geld.
Daar komt nog bij dat zij door dit in stand gehouden worden andere bedrijven die wel winstgevend zijn schaden.
Doordat bedrijvenobligaties (soms, zo verneem ik, zelfs tegen een negatieve rente) alleen van grote ondernemingen worden opgekocht wordt hun positie tegenover het midden en klein bedrijf, dat niet in aanmerking komt voor deze ECB  opkoop, extra versterkt.

Steeds meer kan men zo zich afvragen of de voordelen (en ikzelf  vraag me wel eens af waarom de economie in de eurozone met die stimulans van 2,5 biljoen euros niet veel sterker groeit dan de economie  in andere wereldlanden) wel opwegen tegen de nadelen.
Maar noch het een noch het andere valt te bewijzen.
Zo vraag ik me soms ook af of de schulden in de zuidelijke landen zo hoog zouden zijn opgelopen als zij een eigen munt hadden gehad. In dat geval zou de door het stijgende risico bij hoge schulden in de eigen munt de rente al snel zo zijn opgelopen dat dit een remmend effect op de leningen zou hebben gehad.

Maar ook dat is ook een niet aante tonen gedachte.

Dan blijft daarbij de hoop dat er voorlopig geen nieuwe recessie komt want in dat geval is er maar weinig ruimte overgebleven voor de centrale banken om in te grijpen.

Eigenlijk vreemd dat juist de verbeterende wereld en eurozone economie deze problemen accentueert.
Maar zoveel algemeen geaccepteerde zekerheden, de Taylor Rule, het omhoog krikken van de inflatie door lage rente, de Philps Curve met zijn relatie tussen inflatie en werkloosheid, het optreden van loonsverhogingen bij afnemende werkloosheid zijn in deze geglobaliseerde economie geen zekerheden meer maar vraagstukken geworden.
Maar de Main Stream houdt zich er nog aan vast, geloof en hoop maar geen liefde.

Maar zoals immer en altijd zijn dit ook dit keer alleen maar de gedachtenspinsels van een gepensionneerde leek, een welwillend amateur.

----------------------

Ik heb hierboven de niet rendabele bedrijven genoemd die door de lage rente net het hoofd boven water kunnen houden.
In het Wall Street Journal zag ik vandaag daar het volgende over:
                          
Wall Street Journal

Hundreds of staggering firms are kept alive by struggling banks, which in turn undercut healthy rivals by tying up capital that could be used more productively elsewhere. Economists and central bankers worry they are a drag on the continent just as growth is resuming”.

Een spookbeeld waart over het herstel in Europa: de zombie bedrijven.

Honderden wankelende bedrijven worden in leven gehouden door worstelende banken die op hun beurt minder kunnen berekenen dan gezonde concurrenten door kapitaal vast te houden dat elders productiever zou kunnen worden benut.
Economen en bankiers maken zich zorgen dat zij een rem vormen voor het continent juist nu de groei terugkeert

samedi 11 novembre 2017


Met een diepe zucht…

Dit  maal houden toch toch weer ook politiek verwante zaken mijn gedachten bezig.
Niet op een prettige, positieve manier.

De rechter in Madrid heeft de leiders van de wat ik maar bij gebrek aan een betere omschrijving de “onafhankelijkheids referendum kwestie” noem in hechtenis laten nemen zonder recht op borgtocht.
Zij bevinden zich dus in Spaanse gevangeniscellen tot hun zaak zal worden behandeld.
Zij waren naar Madrid gekomen om zich te verantwoorden of om hun standpunt uiteen te zetten.
Hun wacht tot dertig jaar gevangenis voor hun rebellie indien zij veroordeeld worden.
Nog andere leidende Catalaanse afscheidings prominenten  volgen.
Puigdemont, de afgezette president van Catalonië, is met vier andere “rebellen” naar België uitgeweken en het Spaanse openbaar ministerie heeft een Europees arrestatiebevel tegen hem uitgevaardigd.
Hij wil in Brussel zijn zaak bepleiten.
Voorlopig mag hij op vrije voeten blijven tot een uitleveringsprocedure uitsluitsel zal geven.
Hij heeft (nog) geen politiek asiel in België aangevraagd.
Dat dit een politieke zaak is moet toch wel duidelijk zijn.
Vanwege zijn politieke opstelling zal hij in Spanje vervolgd worden, niet omdat hij een doorsnee crimineel  is
In Spanje wacht ook hem en zijn medestanders een maximale gevangenisstraf van 30 jaar indien hij door de rechter veroordeeld  wordt wegens  rebellie, een politieke kwestie.
Dus een eventuele uitlevering zou die van een politieke vluchteling zijn.
Duitsland levert geen Turken uit die in Turkije verdacht worden van deelname aan de Gulen beweging omdat dit politieke vluchtelingen geacht worden te zijn.
Is een Europees arrestatiebevel op politieke gronden wel rechtsgeldig?
Het gaat hier bovendien om door de burgers van de  autonome regio Catalonië bij officiële verkiezingen gekozen president en regeringsleden.
En door het Cataloonse parlement besloten onafhankelijkheid.

Als een onwetend buitenstaandere dit leest zal hij/zij waarschijnlijk denken dat er in Catalonië een gewapende opstand, een echte rebellie, was uitgebroken tegen de Spaanse staat, een revolutie waarover ik zo vaak in mijn jongere jaren over Zuid Amerika heb gelezen, waarbij presidenten werden afgezet en nieuwe in hun plaats kwamen.
Een geweldadige opstand die in de kiem door de regering is gesmoord.
Maar zeker niet wat er in werkelijkheid heeft plaatsgevonden, een volksraadpleging die verboden werd en een voorwaardelijk uitroepen van de onafhankelijkheid met een vraag naar onderhandeling en mediatie.

Een papieren zaak.
Geen enkel geweld gebruikt behalve door de Spaanse staatspolitie tegen mensen die hun stem wilden uitbrengen.
Dat alles in de een en twintigste eeuw in een lidstaat van de Europese Unie.
Hoe moeten de verkiezingen in december geloofwaardig verlopen als de Catalaanse leiders òf in de bajes zitten òf in ballingschap zijn.
Want niet de politiek maar de Spaanse justitie heeft bepaald dat de grote leiders in gevangenschap blijven en dat mindere goden op borgtocht vrij kunnen komen.
En justitie staat immers los van de politiek.

Lees de inleiding tot het Verdrag van Lissabon en kijk dan naar de realitieit.

Het artikel 155 van de Spaanse grondwet dat de grondslag is voor de huidige situatie:
1. Als een Autonome Gemeenschap haar verplichtingen die de Grondwet of andere wetten haar opleggen niet nakomt, of zo handelt dat het algemene belang van Spanje ernstig geschaad wordt, kan de regering, na een vraag om informatie aan de Minister-president van de Autonome Gemeenschap en, wanneer daaraan niet voldaan is, met de goedkeuring volgens absolute meerderheid van de Senaat, de noodzakelijke maatregelen treffen om die Gemeenschap te verplichten te voldoen aan voorvermelde verplichtingen of ter bescherming van voorvermeld algemeen belang.
2. Voor de uitvoering van de maatregelen voorzien in het voorgaande lid kan de regering instructies uitreiken aan alle autoriteiten van de Autonome Gemeenschappen.

De EU had natuurlijk veel eerder moeten interveniëren in plaats van te stellen zoals Timmermans die het af deed als Spaanse interne kwestie en het politiegeweld tegen geweldloze stemmers vergoeilijkte.
Want Timmermans ageert wel tegen de door het Poolse parlement voorgestelde en aanvaardde wetgeving omdat deze tegen de Rule of Law zou zijn.
Ook dat is inmenging in de binnenlandse zaken van Polen.
Bovendien gaat het om wat de EU zo dierbaar is: vrijheid van meningsuiting.
Het kan de Cataloniëers niet ontzegd worden hun mening te uiten.
Hoe de Spaanse centrale regering dan daarmee zou kunnen omgaan?
Zoals de regering Rutte met het Ukraïne referendum bijvoorbeeld.
Dat bespaart  tenminste dit soort arrestatie taferelen.

Wat niet onderschat kan worden zijn de gevolgen voor de Catalaanse en Spaanse economie en de reputatie schade voor niet alleen Spanje maar ook de Europese Unie en de verstoring van de verhoudingen tussen de regios in Spanje.
En dat wat zich nu in Spanje afspeelt kan in elk ander EU land eveneens plaatsvinden,  want de EU beschouwt het als binnenlandse zaken waar het zich niet mee bemoeit.

Dan de hand op de knie die na vijftien jaar een Britse Minister op de knieën bracht en hem tot aftreden dwong waardoor een semi crisis is ontstaan in Groot Brittannië juist in de tijd waarin het onderhandelen over de voorwaarden voor de Brexit toch al behoorlijk is verstoord.
Een zaak die door het slachtoffer al in haar voordeel was beslist door hem een oorvijg te beloven als hij dat nog eens zou doen waarop hij bakzeil haalde.
Een compliment voor de wijze waarop zij hem op zijn plaats zette.
Maar is dat echt een reden om daarvoor na vijftien leerzame jaren af te treden, hetgeen overigens niet haar bedoeling was, zoals zij verklaarde.
Maar het  aan de kaak stellen dat macht maar al te vaak leidt tot het min of meer afdwingen van intimiteiten en dat dat verwerpelijk is en moet worden bestreden is duidelijk.
Teveel wordt door mensen met macht, of dat dat nu politieke of economische of zelfs andere macht is,  gedacht dat zij boven de wet en onze normen en waarden staan.
Hoe is het mogelijk dat het hier niet om geisoleerde uitwassen gaat maar dat er een soort patroon tevoorschijn is gekomen.
Hoe is het mogelijk dat de daders in hun machtspositie zoveel gezag hadden dat de slachtoffers de uitwassen accepteerden.
De angst voor de macht en de gevolgen van verzet voor de eigen toekomst.
Tot één schandaal het deksel van de put opende.
Maar laten we wel de onverkwikkelige geschiedenis van McCarthy in de USA in de veertiger en vijftiger jaren van de vorige eeuw in gedachten houden.

Dan kwam ook nog het Trump Twitter Incident.
Op zich een kleinigheid.
Het twitteraccount van Trump is elf minuten lang geblokkeerd door een Twitter werknemer  die op de laatste dag van zijn/haar  baan bij Twitter zijn gram wilde halen of misschien gewoon een stunt uithalen.
Ongewild werd daardoor een uiterst belangrijk feit benadrukt:
Wie Twitter beheerst beheerst een medium dat miljarden mensen bereikt overal ter wereld (behalve in gebieden waar om politieke redenen blokkades bestaan).
Trump heeft 41 miljoen Twitter volgers, bereikt dus met elke tweet tientallen miljoenen mensen.
Dat alleen al toont het belang van een twitter account aan, tenminste als zovele miljoenen mensen belangstelling voor dat bepaalde account hebben.
Trump beseft dat enorme bereik van Twitter uitstekend en maakt er uitgebreid gebruik van en omzeilt zo de Establishment Media en het regeringsapparaat en richt zich direct tot zijn volgers en kiezers.
Dat bereik  geldt uiteraard niet alleen voor Twitter voor voor alle soortgelijke organisaties zoals bijvoorbeeld Facebook.

Maar deze tijdelijke blokkade van zijn account  toont ook de macht en de verantwoordelijkheid aan van diegenen die Twitter en soortgelijke organisaties beheren en besturen.
Enerzijds is het in een democratische maatschappij ondenkbaar dat er censuur zou zijn op de uitingen van het gedachtenleven van twitteraars e.d. omdat deze onwelvallig zouden zijn voor de machthebbers (dus ook de eigenaren van die organisaties) , anderzijds is het zo dat Twitter (en het internet) uitingen die mogelijk de veiligheid van staten in gevaar zouden kunnen brengen of de privacy van andere burgers zouden schenden niet kan toelaten.
Ook moet het zo zijn dat internet gebruikers  e.d.  zich niet bij wetsovertredingen  achter een anonimiteit kunnen verschuilen.
Het moet immers altijd mogelijk zijn via de rechtsgang de toelaatbaarheid van een bericht te toetsen en daarna indien het inderdaad de wet overtrad achteraf de overtreder te straffen.
De beheerders van deze organisaties hebben zelf  de mogelijkheid  uitingen die naar hun inzicht de grens van veiligheid van de staat en kwetsende schendingen van de privacy te blokkeren.
Maar deze mogelijkheid mag nooit en te nimmer gebruikt worden om door die organisatie ongewenst gevonden uitingen te blokkeren.
Zo zou iets als Fake News worden geblokkeerd omdat het volgens de beoordelaar niet juist zou zijn, maar wel een feit is.
Toch lees ik dat dit volgens sommigen soms wel plaats vindt.
Want Fake News is geen wiskunde maar maar al te vaak iets tegen eigen geloof.

Mijn gedachten gaan dan tenslotte ook weer uit naar de QE, het scheppen van nieuw geld om waardepapieren van banken op te kopen en de niet bedoelde gevolgen ervan.

Maar daarover de volgende keer.

mardi 24 octobre 2017

Top Down tegen Bottom Up
en
Money is the Root of All Evil

We weten nu meer nu Draghi de toekomst van het maandelijks extra tientallen miljarden euros bijdrukken, het "herinvesteren" van 2.500.000.000.000 reeds nieuw geschapen euros in obligatieaankopen en wanneer de nul rente verdwijnt heeft geopenbaard.
Het gaat gebeuren op de manier die ik al in mijn vorige blogs en deze heb voorspeld.

Gaat de Catalaanse kwestie uit als een nachtkaars of suddert hij door om later weer op te vlammen.
Een ding is zeker, uit angst voor de Spaanse furie zijn de ex Catalaanse regeerders nu in België als de berichten kloppen om juridische vervolging en de kans om dertig jaar in een Spaanse gevangeniscel door te brengen te ontlopen.
Dat brengt België in een moeilijk parket. 
Wordt er door hen politiek asiel in België gevraagd.
De EU houdt zich nog steedfs angstvallig afzijdig noemt de kwestie een binnenlandse aangelegenheid, vindt het geweld (Timmermans) proportioneel .
Maar de EU bemoeit zich wel met binnenlandse aangelegenheden in de Oost Europese lidstaten omdat deze tegen de Rule of Law zouden zijn.
Maar tot de Rule of Law behoort  ook het recht op de vrijheid van meningsuiting en de EU spreekt zich toch ook uit over het gebruik van geweld tegen vredige bevolkingsgroepen, waar ook ter wereld.
Ach, interpreteren is geen exacte wetenschap maar politiek.
Maar men kan de gevolgen wel voorspellen als geen andere instantie tot mediatie leidt, ook voor de EU.

In de Europese Unie zie ik met mijn amateuristische blik twee tegenstrijdige ontwikkelingen.
De Europese Elite streeft naar een verdere integratie van de eurozone met als eindpunt een fiscale unie, naar een Europese Unie van meer snelheden oftewel diverse stadia van integratie en het Europeese (Semi-)Parlement  streeft naar meer macht net als de Europese Commissie.
Centrale macht voor Brussel.
Een top down benadering waarbij  gesuggereerd wordt dat daardoor er een meer directe band tusen bevolking en bestuur zou ontstaan.
Alleen de Verdragen van Maastricht en Lissabon vormen  een struikelblok maar die verdragen zijn al meermalen geschonden of tegendraads uitgelegd.
Maar bij de bevolkingen zie ik, tenzij ik het helemaal verkeerd bekijk, juist een streven naar decentralisarie, meer zeggenschap niet alleen voor de EU landen maar ook voor de verschillende bevolkingsgroepen binnen die landen.
Dat blijkt ook uit enquetes waarin de meerderheid van de EU bevolking zich uitspreekt voor de Europese Unie maar ook een meerderheid daarvan meer macht terug wil zien vloeien naar de nationale parlementen.

Als vergaandste voorbeeld dus Catalonië dat zich, na decennia van streven naar meer eigen zeggenschap zonder veel resultaat, nu zelfs van Spanje wil afscheiden en een eigen staat wil vormen.
En we hebben al het Schotse referendum achter de rug waarbij echter bleek dat de meerderheid van de Schotten toch voor binnen het  Verenigd Koninkrijk blijven stemde.
Maar dat was de wil van de Schotten zelf, niet opgelegd door het  UK en toonde wel de wens tot meer zeggenschap van Schotland.
In Italië zijn er  in de noordelijke regionen nu net twee referenda geweest die beide eveneens meer onafhankelijkheid vroegen en beide aangenomen werden.
Zowel in Lombardije als in Veneto, maar op vreedzame wijze vergeleken met het geweld in Catalonië, zijn deze referenda uitgekomen op de eis voor meer autonomie en meer zeggenschap over het in de regio verdiende geld.
Geen beslissende referenda echter.

Deze ontwikkelingen passen  in het plaatje van de verkiezingen in de USA en de nu daaruit voortgekomen machtsstrijd niet tussen Republikeinen en Democraten maar tussen de President en zijn achterban en het  Republikeinse en Democratische Establishment, tussen het Gewone Volk en de Elite.

In Nederland, Frankrijk en ook Duitsland zien we dezelfde trend in mindere of meerdere mate.
Een wantrouwen tegenover  het Establishment en een gevoel van het zich niet vertegenwoordigd te voelen.
De verkiezingen in Oostenrijk met wat men noemt een ruk naar rechts maar toch meer een verwerpen van de gevestigde orde, in Tjechië met de klinkende overwinning van de zakenman Andre Babis, alle tekenen dat de bevolkingen ontevreden zijn met de gevestigde machten en een nieuwe, meer nationalistische weg in willen slaan.
Zelfs in Duitsland waar de gevestigde machtige Union en de SDP gevoelig verloren en er voor het eerst waarschijnlijk een coalitie van drie partijen, Union, de kritische FDP en de Groenen tot stand zal moeten komen met een flinke aderlating in de macht van de Union en dus van Mw Merkel, ook over de toekomst van de EU en eurozone,  in die coalitie.

Een inschattingsfout van de Europese Elite die dacht dat wat zij het populisme noemden definitief de kop was ingedrukt na de Nederlandse verkiezingen en de Franse presidents verkiezingen.
Maar waardoor dat “populisme” zou zijn  ontstaan en steeds meer vaste voet krijgt wordt weggeveegd.
Populisme is fout. Populisme moet worden ontkracht. Populisme past niet in het denkraam van de Elite.
Maar wat is Populisme.


Bij zowel de Catalaanse , illegaal of niet, als de Italiaanse referenda was een belangrijk punt het geld.
Catalonië, 16% van de Spaanse bevolking maar 20% van de inkomsten en 25% van de export  wil meer zeggenschap over het door hen verdiende geld.
De rijke Noord Italiaanse regio’s zien al jaren en jaren lang geldstromen van het noorden naar het armlastige zuiden zonder uitzicht op verandering hierin.
Ook zij willen meer zeggenschap over de besteding van het door hen verdiende geld.

Als ander  voorbeeld Vlaanderen dat eveneens geldstromen naar het minder welvarende Wallonië ziet stromen en waarover eveneens voortdurend gesteggeld wordt.
Ook daar is er een beweging voor meer autonomie en zeggenschap over eigen geld.

Het bovenstaande, al is het politiek, sluit aan bij het volgende punt, de toekomst van de eurozone.
Ik herinner me dat Dijsselbloem geruime tijd  geleden toen het voorstel begon te rijpen om een Minister van Eurozone Financiën te creëren zei dat het het beste was gewoon door te modderen.
Het andere uiterste, zoals het Europese Parlement, de Commissie en eerst president Hollande en nu president Macron ambiëren,  is een geheel fiscaal geïntegreerde eurozone met eigen Minister van Financiën, eigen eurozone begroting (dus inkomsten en uitgaven bepaling), eigen eurozone belasting inkomsten,  een eurozone financiëel  parlement (of zoals de commissie wil, geloof ik, het EU parlement met die controlerende functie).
Kort gezegd een fiscale of transfer unie die alleen de financiële zaken gemeenschappelijk beheert.
Geen politieke unie. Een mankepoot dus.
Want een politieke unie houdt alle wetgeving in, een fiscale unie niet.
Die houdt in dat geen van de eurolanden zelf nog zeggenschap zou hebben over de erin verdiende gelden en als we de huidige verhoudingen binnen de eurozone beschouwen een voortdurende geldstroom van noord naar zuid, zonder enige invloed daarop van de individuele landen.

Een duidelijke tegenstelling dus tussen wat de regios wensen en wat de establishment wil opleggen.
Geldstromen zijn belangrijk, Money is the Root of all, Evil and Good.
Maar wat “Good” is voor de een is “Evil” voor de ander en het zijn van elkaar verschillende naties met eigen identiteit en cultuur en economie.
Daarbij moet ook worden aangetekend dat bij de nationale verkiezingen EU zaken nauwelijks betrokken worden.
Zie Duitsland waar alle EU zaken worden aangehouden tot de coalitie onderhandelingen zijn voltooid en er een nieuwe regering is gevormd.
Hopelijk voor de Kerst.
Want wat die coalitie voor de EU zal wensen ligt verborgen in de toekomst.

Volgens de EU gaat het juist de laatste jaren beter met de eurozone en vertonen alle landen economische groei, lagere begrotingstekorten en zijn de vooruitzichten positief.
In mijn vorige blog heb ik daar het een en ander over vermeld.
Dat geldt overigens niet specifiek voor de eurolanden maar is een wereldwijd verschijnsel.
Ook volgens de ECB gaat het economisch beter met de eurozone, wordt grotere groei voorzien.
Dat zou dus steun zijn voor de opvatting toendertijd van Dijsselboem, gewoon doorgaan zoals altijd.
Daar moet men aan toevoegen dat volgens zowel IMF als ECB wel structurele hervormingen moeten worden doorgevoerd.
Dat is in de noordelijke eurolanden al een feit geweest en is een politieke zaak voor de individuele landen .
Verdere integratie is daar niet voor nodig zoals de situatie in de noordelijke eurolanden aantoont.
Integratie wordt dan als men het zo beziet voornamelijk een middel tot het mogelijk maken van structurele geldstromen, zoals nu al via andere kanalen plaats vindt.
Een nadeel daarvan (zoals te zien in Zuidelijk Italië en Wallonië) is dat door die geldstromen om tekorten aan te vullen de noodzaak voor die structurele hervormingen wegvalt of in ieder geval vermindert of op de lange teremijn wordt geschoven.
Dat wordt nu al gezien  als een gevolg van de steun voor zwakke landen door de ECB (en het target  2 betaal systeem).
De steun bestaat uit de aankoop van staatsobligaties door de ECB met twee gevolgen.
Het zal duidelijk zijn dat de risicofactor voor staatsleningen van eurolanden waarvan de staatsschuld excessief hoog is veel groter is dan die van de eurolanden met lage staatsschulden en een stabiele economie.
Neem als actueel voorbeeld Griekenland maar houd in gedachten dat er meer eurolanden zijn met vergelijkbaar excessieve schulden.
In technische termen zouden in dat  geval de door die staten met excessief hoge schulden  uitgegeven obligaties een “junk status” hebben en een hoge yield, rente, moeten opbrengen.
Door het opkoopmodel van de ECB wordt echter dat risico beperkt of als de obligaties op de balans van de ECB staan nihil.
Daardoor blijven de yields, de rentetarieven voor die junk bonds laag.
Een vergelijking met de yields van USA bonds geeft dat duidelijk aan.
De yields voor eurozone bonds, zowel junk bonds als safe bonds tonen een vlakke curve, terwijl voor de USA bonds er een hoge piek is bij de junk bonds en de yield, rente, veel hoger is.

Het tweede gevolg is dat structurele hervormingen die zonder deze steun niet te vermijden zouden zijn, nu niet meer dringend nodig zijn.  De tekorten worden immers toch aangevuld.

Zou de ECB echt de steun afbouwen en dus de balans terugbrengen naar het lage niveau van voor de Lehmann crisis dan zouden de yields voor de bonds van de eurolanden met hoge schulden sterk stijgen en dus aflossen en oversluiten van nieuwe leningen economisch onhoudbaar maken met alle gevolgen van dien voor de eurozone..
Zolang echter de ECB die extra bijgedrukte 2.5 biljoen euro op de balans houdt en dus zo’n 25 à 30% van de eurostaatssschulden in bezit houdt en deze 2,5 biljoen euro gebruikt om bij aflossing van bonds nieuwe bonds op te kopen zal die curve vlak blijven en de yields ook voor hoge schulden landen betaalbaar blijven.
Dat houdt zo de eurolanden met excessieve schulden op de been.
Dat zou, zoals ik in een vorig blog heb vermeld,  door moeten gaan tot de economische groei (dus het BBP)  van die landen blijvend  zo sterk is toegenomen en het begrotingstekort is afgenomen dat de schuld percentage gewijs houdbaar is geworden (ideaal gezakt tot 60% van het BBP).
Nu met een jaarlijkse eurozone groei van plus minus 1,5 tot misschien 2% en een begrotingstekort van 1,5 % is die toestand nog ver weg.

Hetzelfde effect als deze opkoopsteun heeft uiteraard de lage basisrente door de ECB bepaald.
Ook die houdt de rente op euro staatsobligaties laag.

Het afbouwen en stoppen in de loop van 2018 van het extra geld bijdrukken hetgeen wordt verwacht is dus niet het einde van de steun door de ECB aan de zwakke eurolanden.
Slechts één element ervan wordt verminderd en beëindigd.
Dat is in tegenstelling tot de politiek van de FED die alle drie onderdelen, zij het in voor de USA economie verantwoorde wijze, beëindigt.


Het is, zo denk ik  als simpele burger en amateur, dat men niet zo maar kan stellen dat het goed gaat met de eurozone economie en financiën.
Het gaat misschien beter, maar dat is een relatief begrip.
Als men de schulden buiten beschouwing laat gaat het inderdaad redelijk goed met de eurozone economie, hoewel per euroland verschillend.
Nederland bijvoorbeeld met lage staatsschuld, waarschijnlijk geen  begrotingstekort en groei boven 2% doet het uitstekend.
Maar de schulden hangen als een betonblok aan het been van vele eurolanden.
Die kun je niet wegdenken.
Zonder steun zouden ze fataal kunnen zijn.
Maar wat kan anders de oplossing zijn.
Zoals altijd en immer, zijn dit alleen maar de hersenspinsels van een leek, niet van een bankier of econoom.
En dus zou het totaal anders kunnen zijn dan hoe het mij voorkomt. Hopelijk.

En, zoals de meerderheid,  ben ik voorstander van de EU en zoals de meerderheid van de voorstanders ben ik voor teruggave van macht aan de nationale parlementen en concentreren door de EU op de weinige echt essentiële kerntaken van de unie (Lisbon Treaty) zodat de achterdocht die nu bestaat van “powergrabbing” door Brussel verdwijnt.
Want zolang die vrees bestaat wil geen enkele staat die essentiële taken afstaan.
En het is de wereld op zijn kop dat juist de niet essentiële zaken door Brussel worden geclaimed terwijl de wel essentiële gezamenlijke taken daardoor niet worden uitgevoerd.







lundi 16 octobre 2017

Spanje, de politiek, 
het spartelen van de 
centrale banken en de economie


Terwijl een volslagen onnodige patstelling in Spanje is ontstaan waarbij mogelijk gezichtsverlies wel een grotere rol speelt dan de waarde van de argumentatie van beide zijden en die voornamelijk de neiging binnen de Europese Unie tot meer onafhankelijkheid van regios binnen de EU landen en de kracht van het eigen identiteitsgevoel illustreert is er door het gebrek aan diplomatiek inzicht ook van de kant van de EU zelfs een geweldsoplossing mogelijk met onoverzienbare gevolgen tot ver buiten Spanje.
En dat terwijl al zou Madrid het gezag over Catalonië desnoods met geweld overnemen er vervolgens toch daar regionale verkiezingen zouden moeten worden gehouden waarvan de uitkomst dan toch weer voor onafhankelijkheid kan zijn.
Koppig volhouden niet te willen praten en dreigen met machtsovername botst met de idealen van onze tijd.
Maar er is meer dat mijn gedachten bezig houdt.

Ondanks mijn afkeer van politiek  kan ik me er toch niet van weerhouden mijn gedachten verder over politiek te laten dwalen. Niet over policy maar politiek in het algemeen.

Pechtold, leider van de partij die het referendum als een van zijn “kroonjuwelen”  zag, vindt nu een referendum, een volksraadpleging,  over een politiek onderwerp onnut en onjuist omdat de bevolking niet in staat is om de complexiteit ervan te overzien.
Verkiezingen eens in de vier jaar door partijen met verkiezings programma’s die slechts gedeeltelijk de echte partijplannen bevatten zijn voldoende.
Een bizarre situatie, eens in de vier jaar worden  de kiezers wel in staat geacht zich een oordeel te vormen over welk programma van welke politieke partij aan hun wensen voldoet maar over één bepaald onderwerp zich uitspreken tijdens die vier jaren gaat hun intellectuele pet te boven.
Een onbegrijpelijke tegenstelling in het partijpolitieke denken.

Daarbij komt nog dat vervolgens na die verkiezingen bij de onderhandelingen over mogelijke regerings coalities de dan voorgestelde programmapunten meer dan eens niet alleen afwijken van wat de kiezer is voorgehouden maar er vaak zelfs  in tegenspraak mee zijn.
Dat wordt door de politieke partijen normaal en aanvaardbaar geacht omdat  er nu eenmaal concessies moeten worden gedaan aan andere partijen om een regering te kunnen vormen die normaal gesproken op een meerderheid in het parlement kan steunen.
Het landsbelang wordt dan de kiezer voorgehouden als onwrikbaar argument voor deze afwijkingen tussen verkiezingsprogramma en regeringsprogramma en de kiezer heeft vier jaar de tijd deze teleurstelling voor hem te verwerken waarna hetzelfde spelletje zich herhaalt.
Het resultaat het kleinste gemene veelvoud van wat de kiezers wilden.

Hoe dan ook, het valt niet te loochenen dat in de praktijk de politiek bepaald wordt door de partijelite die de onderhandelingen met  andere politieke partijen voert zonder ruggespraak met de gewone kiezer.

Na vier jaren speelt zich hetzelfde weer af, de politieke partijen presenteren hun (niet uitgevoerde) programma weer en de kiezer stemt weer argeloos op zijn partij.

Soms echter wordt dat patroon doorbroken doordat de kiezers zich zo duidelijk in de steek gelaten voelen door hun eigen partij dat zij en bloc voor een andere partij kiezen.
Dat is bij deze verkiezingen het geval geweest waardoor de PvdA nu met slechts negen zetels in de tweede kamer vertegenwoordigd is.
Een andere mogelijkheid is dat kiezers thuisblijven en geen gebruik maken van hun democratisch recht om te stemmen voor een partij die hun wensen niet uitvoert.

Als alles na maanden van kissebissen onderling geregeld is en een regering is gevormd moet het kamerlid zijn van een regeringspartij moreel gezien een moeilijke opgave vormen.
Want de kamerleden zijn gekozen op basis van het partijprogramma waar zij achter staan.
Maar ook zij moeten leven met het gevoel dat zij wellicht eigenlijk geen voorstander zijn van  wat hun partijtop bij het regeringsoverleg heeft besloten.
Weliswaar mogen zij wettelijk gezien  “zonder last” stemmen, dat wil zeggen dat zij niet gebonden zijn aan de partijlijn of de coalitielijn maar een eigen beslissing mogen nemen bij het stemmen over een wetsontwerp.
Maar in de praktijk is daar de harde partijdiscipline die eist dat zij ongeacht eigen overtuiging de partijlijn bij de stemmingen moeten volgen en de regeringsvoorstellen unaniem steunen.

Bij het komende parlementaire  vier jaars periode zal dat extra zwaar zijn omdat er slechts een meerderheid van één zetel is.

Als ik zo lees waar mijn gedachten heen voeren kan ik er niet aan ontkomen wat moedeloos te worden over de zin van de democratie.
Democratie, regering door het volk, maar in werkelijkheid regering door een overeenkomst tussen partijelites.
En dan praat ik nog niet over de extra parlementaire pressiegroepen die met grote energie hun visies bij deze politiek mee proberen te laten tellen.

Was het niet Aristoteles die zei dat democratie de dictatuur van de meerderheid was en Plato dat de democratie eindigt in de dictatuur.
In dat geval is het alleen de grondwet nog, de constitutie die boven de politiek van de dag uitsteekt, die de bescherming vormt voor die minderheid.
Dat zijn de grondrechten voor iedere burger die erdoor ook tegen de wereld buiten Nederland beschermd moet worden.

Dan gaan mijn gedachten ook uit naar de uitvoerbaarheid van wat dan uiteindelijk na vele maanden besloten is en uitgevoerd moet worden.
Want al die plannen zijn gebaseerd op wensen en prognoses.
De wensen zijn concreet maar de prognoses zijn gebaseerd op veronderstellingen van de toekomst en rekenmodellen.
De barre praktijk leert ons echter dat deze prognoses geen zekerheden zijn.
Want hoe vaak is ons niet het zoet na het zuur toegezegd, en welke grote publieke werken worden ooit binnen het budget gerealiseerd.
Prognoses en werkelijkheid zijn maar zelden in overeenstemming met elkaar.


Dat voert mijn gedachten na deze overpeinzingen weer terug terug naar de economie.

Ik heb al eens geschreven dat het mij vreemd voorkwam dat juist nu het wat beter gaat met de eurozone economie en de wereldeconomie meer aantrekt dan vorige jaren en het IMF een groei ervan van 3.6% ziet,  dat er dan juist nu problemen worden voorzien bij het ons weer aanpassen aan een zelfstandig  opererende economie.
Daarmee wordt bedoeld een economie waar het niet langer nodig is dat de centrale banken met hun geldpolitiek de economie en kapitaalmarkten beïnvloeden, stimuleren, steunen of hoe men het ook wil noemen.
Oftewel, het afbouwen van de losse monetaire politiek en de quantitative easing  van voornamelijk de centrale banken van Japan, de USA en de ECB.

Tot voor kort stonden alle drie dezelfde politiek voor:
opkopen van staatsschulden (en bedrijfsschulden) en het daarvoor bijdrukken van enorme bedragen aan nieuw geld en daarnaast het laag houden van de bankrente om de financiële stabiliteit, in de vorm van een inflatie van bijna 2% te bereiken (en de FED ook de werkloosheid laag te houden) .
Een veelvoud van monetaire activiteiten verborgen achter een veelvoud van acroniemen.
Maar nu de economie uit de (geloof ik) zesde recessie na de tweede wereldoorlog is geraakt en er al jaren lang een zij het geringe groei is (en vrij wat analisten de volgende recessie alweer zien nader komen) duikt nu dat probleem van het normaliseren op, hoewel men dat woord “normaliseren” er liever niet voor gebruikt.

Het IMF (en denk er om dat het IMF niet onfeilbaar is en dat hun prognoses vaak niet het papier waard  zijn geweest waarop ze gedrukt zijn) is optimistisch over de wereldeconomie en ook over die in de eurozone.
Maar het IMF ziet daaraast ook de noodzaak voor structurele hervormingen.
De inflatie blijft echter tegen alle economische theorieën in te laag, hoewel het gevaar van deflatie is geweken, in de eurozone volgens het IMF , dit jaar 1.5% en in 2018 1.4% (ECB 1.2%).
Ook zijn de loonsverhogingen te  laag de toestand op de arbeidsmarkt in acht genomen.
De werkelijkheid wendt zich van de theorie af en dat roept vragen op.

Die lage inflatie is de officiële reden waarom Draghi geen verhoging van de bankrente in de eurozone  mogelijk ziet over een lange periode, ondanks de grotere groei van het GDP.
Op 26 oktober zal Draghi wel plannen moeten openbaren maar nu al heeft hij verklaard dat de lage rente nog lange tijd na het afbouwen van het bijdrukkken van bankpapier gehandhaafd zal blijven.
Er wordt wel gepraat over het afbouwen van dat bijdrukken dat officiëel op 1 januari 2018 zou moeten stoppen.
Vrij algemeen neemt men aan dat echter nog minimaal negen maanden lang in 2018 euro’s zullen worden bijgedrukt maar dan 30 miljard euro per maand in plaats van de huidige 60 miljard maandelijks (en daarvoor 80 miljard).
Er gaan ook geruchten dat het totale bedrag van het bijdrukken en opkopen 2.5 biljoen euro zal gaan bedragen en dat dat bedrag steeds geherinvesteerd (=opkopen waardepapieren) zal worden.

Dus dat stoppen van het bijdrukken te eniger tijd is dus slechts een onderdeel van het totale plaatje.
Want de ECB gaat dus niet de balans verlagen.
Dat betekent concreet dat de ECB bij het aflossen van een obligatielening in haar bezit het geld ervoor incasseert maar niet vernietigt, zoals zou moeten (en de FED zal gaan doen), maar opnieuw gebruikt om nieuwe obligatieleningen op te kopen.
De ECB blijft dus nieuwe (na aflossing van de oude) obligatieleningen van de eurolanden opkopen duidelijk om de rente ervan betaalbaar te houden.
Los uit de mouw gezegd houdt dat in dat de ECB steeds voor ongeveer 2,5 biljoen extra bijgedrukte euro’s  aan staats en bedrijfsaandelen in zijn bezit houdt en zo de rente voor obligaties blijft laag houden en de kapitaalmarkt beïnvloeden.
De ECB is dan de facto de grootste schuldeiser van de eurozone landen met alle voordelen daarvan voor die landen.
Samen met de rente die de ECB niet wil verhogen is dat een langdurend



 blijvende invloed houden op de rentepercentages van de eurozone staatsschulden en dus het betaalbaar houden ervan.

Overigens begrijpelijk omdat zonder deze ECB opkopen en rentesteun de staatsschulden van een flink aantal eurolanden onhoudbaar zouden worden door de dan veel hogere rentelasten.
Die overhoge staatsschulden zijn echter ook een logisch bijgevolg van de rentesteun en opkoopsteun van de ECB die het laten oplopen van de staatsschulden tot ver boven de toegestane 60% en zelfs ver boven de 90% houdbaar heeft gemaakt door de rente ervan kunstmatig zo laag (en voor landen als Duitsland en Nederland zelfs negatief) te houden.
Zonder die steun zouden de door groter risico oplopende rentetarieven ervoor een rem voor overgrote schuldvorming zijn geweest.

Maar om een reëel herstel van de economie te bereiken blijft de vraag of de eurolanden, met deze ruggesteun, in staat zullen zijn hun staatschulden percentagegewijs te laten teruglopen (d.w.z. als percentage van hun Gross Domestic Product, hun BBP dus want elk begrotingstekort doet de schuld in euro’s toenemen) tot deze tot een zonder steun houdbaar percentage is gedaald en extra steun dus niet meer nodig zal zijn.
Dat eist in de huidige situatie dat elk euroland een economische groei moet vertonen (dus vergroting van het BBP) die flink hoger is dan het begrotingstekort.
Daar ontstaat een knelpunt en een van de oorzaken van de controverse tussen noord en zuid.
Voor grotere economische groei zijn investeringen nodig voor groter efficiency en innovatie en hervormingen in de bureaucratische en arbeidsrechterlijke sfeer.
Voor de noordelijke landen met lagere staatsschulden (hoewel ook voor het grootste deel groter dan toegestaan) kunnen deze staatsschulden eventueel zonder veel risico verhoogd worden om geld voor structurele investeringen vrij te maken.
In deze eurolanden is al veel gebeurd op het gebied van hervormingen.
Voor de zuidelijke landen met de veel hogere staatsschulden is dat onverantwoord (ook volgens de filosofie van het IMF die wel lossere fiscale politiek voorstaat maar alleen als dat mogelijk is).

Het probleem is dus dat waar het nodig is de middelen ontbreken en waar het niet nodig is de middelen voorhanden zijn.

Deze huidige situatie die na de invoering in 2000 van de euro is ontstaan valt terug te voeren op drie kernpunten:
òf de verschillen in economische potentie tussen de eurolanden zijn zo groot dat door de gezamenlijke munt de zwakkere landen steeds verder verzwakken, voor het ene land internationaal te duur, voor het andere niet,
òf de austerity, de knelband van de Verdragen en het Stabiliteits en Groei Pact heeft de mogelijkheden voor de zuidelijke landen om sterker te groeien onmogelijk gemaakt (maar ze hebben toch torenhoge schulden opgebouwd, hetgeen in het geval zich te houden aan de 3% en 60% grenzen, dus het gehoorzamen aan de austerity,  niet zou zijn gebeurd),
òf de zuidelijk landen hebben niet, zoals de noordelijke, de nodige hervormingen doorgevoerd waardoor ze ook niet de noordelijke groei hebben kunnen verwezenlijken.

En, volgens een aantal bronnen in Duitsland, is het voor hen duidelijk dat de ECB voor sommige landen meer obligaties opkoopt dan volgens de verdeelsleutels is toegestaan.
Draghi motiveert dat dit gebeurt op liquiditeitsgronden (wat dat ook moge inhouden) maar deze bronnen zien er gerichte staatsteun in.
Dit toont al aan dat de gevoelens over de ECB monetaire politiek gespannen zijn.
Overigens verklaart Draghi op de IMF bijeenkomst in Washinton dit weekend “we zijn vol vertrouwen dat de inflatie langzaam tot onze doelstelling zal convergeren op een zelfgedragen manier zoals wij zo vaak hebben gedefinieerd en op een duurzame wijze” “Maar we moeten ook geduldig zijn want het gaat tijd kosten”  aldus Bloomberg.
Dus geen zekerheid maar vertrouwen in de toekomst.

Maar wat zou nu voor de eurozone belangrijker zijn, de inflatie of het houdbaar houden van de zuidelijke staatsschulden.
Want de inflatie is laag en blijft voorlopig laag en zelfs Yellen weet niet wat de inflatie zal gaan aandrijven.

Tot voor kort zaten de drie grote centrale banken dus op één lijn.
Nu echter komt er een sterk uiteenlopen van hun inzichten en monetaire politiek.
De Japans Centrale Bank gaat stug verder (maar nu met als doel de obligatie rente laag te houden naast het inflatiedoel).
Wat de ECB naar alle waarschijnlijkheid gaat doen staat hierboven.
De FED gaat echt (zij het sterk gereguleerd) afbouwen.
Al tijden drukten zij geen nieuw geld meer bij en verhoogden enkele malen (met kleine stapjes) de rente en gaan daarmee door.
Bovendien gaat de FED wel de balans afbouwen door voor afgeloste obligatie leningen de binnenkomende dollars uit de circulatie te halen en niet opnieuw te investeren.

De drie grote centrale banken lijken dus nu elk hun eigen weg te gaan en dat zal uiteraard grote gevolgen hebben voor de wereldeconomie want het is een illusie te veronderstellen dat in deze tijd van globalisering die bijgedrukte vele biljoenen aan nieuw geld alleen in de USA of de eurozone terecht zouden zijn gekomen.
De ontwikkelingslanden hebben er, mede door de lage rente, veel van binnengehaald.
Maar door de FED afbouw zal die overdadige geldvoorraad (glut) in omvang, ook in andere landen, afnemen (tightening) en dus geld duurder maken en dus de rente doen stijgen.
Want ook daar geldt de wet van vraag en aanbod die prijsbepalend werkt.
Bovendien komt er volgend jaar wellicht een andere voorzitter van de FED, Yellen is wel herkiesbaar begin 2018 maar Trump heeft meer kandidaten van wie sommigen voorstanders van de huidige QE politiek zijn, anderen meer kritisch.
En wat zal Draghi voor zijn opvolger achterlaten als hij in 2019 aan het einde van zijn termijn komt.

Dus sluit ik deze overpeinzingen van een amateur af met de de gedachte dat naar mijn mening prognoses ook met de beste rekenmodellen niets anders zijn dan voorspellingen en dat prognoses tot 2030 of zelfs 2050 maken rekenmodelmatig exact kan lijken maar dat de praktijk weerbarstig is en zich niets aan voorspellingen en parameters gelegen laat liggen.

Maar dit zijn zoals altijd alleen maar de overpeinzingen van een amateur.