mardi 27 décembre 2016







het zijn niet alleen de zuidelijke banken
maar de verschillen tussen
noord en zuid en oost euro



 

Ik heb steeds gesteld dat de verschillen in economische potentie tussen de noordelijke lidstaten en de overige zo groot zijn dat ze niet met een en dezelfde munt kunnen werken.


Het lijkt me dat na 16 jaren euro gebruik en daarbij in aanmerking genomen de steun van de ECB aan de zwakkere eurolanden dat wel gesteld kan worden.


Zie hieronder het verschil tussen de noordelijke eurolanden die door de Commissie gemaand worden  hun staatsschulden te verhogen om de economie van de gehele eurozone te boosten.



noordelijke eurolanden

 overige eurolanden


De noordelijke vier lidstaten staan voor ongeveer 40% van het Gross Domestic Product van de gehele eurozone, de vijftien andere lidstaten voor  de overige 60%.
Een volslagen scheve verhouding.
Het schuldpercentage van de noordelijke landen bedraagt 71%, weliswaar meer dan de door de verdragen toegestane 60% maar verre van een onhoudbaar percentage.
De vijftien overige landen hebben gezamenlijk een schuldpercentage van 107%, ver boven het internationaal aanvaardbaar percentage van 90%.
Het is duidelijk dat die vier landen de eurozone in feite op de been houden en dat de andere alleen dankzij de rentepolitiek en obligatieopkoop van de ECB overeind blijven.
Nu door de renteverhoging in de USA, al is die slechts 0,25%, en het vooruitzicht dat in 2017 nog enkele renteverhogingen te verwachten zijn zal de rente op obligatieleningen ongetwijfeld gaan toenemen en de waarde ervan dus afnemen hetgeen nieuw uit te geven obligatieleningen behoorlijk duurder zal gaan maken.
Daarbij komt de waardevermindering van de euro ten opzichte van de dollar van 20% die de  invoer van importgoederen in dollars aanzienlijk duurder zal gaan maken en dus de importgelateerde prijzen in de eurozone evenzeer zullen doen gaan stijgen en dus de inflatie zal doen toenemen, maar zonder een eraan gerelateerde loonstijging en dus een koopkrachtdaling.
Weliswaar zal de export toenemen tot de doorberekening van duurdere grondstof en energieprijzen de exportprijzen eveneens zullen doen stijgen waardoor het concurrentievermogen weer zal afnemen, alleen nog gesteund door relatief verlaagde arbeidskosten die echter bijdragen tot het koopkrachtverlies.
De staat zal dus profiteren maar de arbeidskrachten niet.
Voor de vier sterke noordelijke economieën zal het gezien hun nu al sterke exportpositie haalbaar zijn maar voor de zwakke economieën zal het voor de bevolking een extra aderlating betekenen.
Afgezien van het feit dat men steeds meer gaat twijfelen aan de doelmatigheid van de QE en rentepolitiek van de ECB die meer op uitstel dan op opbouw lijken te leiden is er een door de verdragen opgelegde grens die haar QE nog minder effectief maakt.
De verdragen verbieden directe steun door de ECB aan de eurolanden.
Daardoor moeten de aankopen van de staatsobligaties gaan via de tussenkomst van banken zodat het geen directe steun is maar met een omweg.
Daardoor is het echter onmogelijk gerichte steun te verlenen aan de lidstaten die dit hard nodig hebben.
Door deze omweg heeft de ECB geen enkel zicht op (of zeggenschap over) de bestemming van de bijgedrukte gelden.
Door die ongerichtheid zijn het in feite de sterke landen die het meest profiteren zeker nu de laagte van de rentevoet voor het opkopen is verlaagd en dus veel meer Duitse obligaties opgekocht kunnen gaan worden.
Want er moet een ratio zijn van de aankopen per euroland.
Want die directe steun op een bepaald land mag niet maar moet nu via omwegen plaats vinden.
Een fiscale unie zou die direct steun wel mogelijk maken, zij het niet door de ECB, maar door het euro ministerie van financiën met eigen belastingheffing, eigen begroting en eigen verdeelsleutels.
Maar ook hier liggen de verdragen dwars want belastingen zijn het domein van de eurolanden zelf.
Vandaar nu de bittere strijd tussen Ierland en de Commissie.
Ierland dat zelf het recht heeft zijn belastingheffing te regelen en daar geen rekenschap van hoeft af te leggen tegenover de Commissie, de EU.
De EU, de Commisie,  die het niet uitlegt als belastingheffing maar als staatssteun in dit geval aan Apple hetgeen verboden is en waarover de Commissie zeggenschap heeft.
Het De Advocaat Generaaal van het Europees Hof heeft al een aanbeveling gedaan ten gunste van de Commissie maar dat is precair omdat het niet gaat over een intra EU zaak maar een internationale kwestie waar Apple en Ierland de twee partijen zijn, niet twee EU lidstaten.
Het verschil tussen belastingheffing en subsidieverschaffing of staatssteun  is dus niet meer dat in het ene geval de “bevoordeelde” niet hoeft te betalen en in het andere juist geld aan hen wordt uitbetaald,  maar uitsluitend of er “voordeel” wordt behaald.
Zo zien we langzamerhand dat de betekenis van begrippen wordt uitgehold.

De bankenunie beloofde de band tussen land en bank door te snijden. Banken stonden op eigen (lemen) voeten.
Geen overheidssteun meer maar onderling bankenfonds.
Aandeelhouders en obligatiehouders profiteren van de winst en delen dus in het verlies.
De ECB had het vakkundig toezicht op die nu los van de staat staande banken.
En zie en kijk toe hoe in Italië de bankenunie vakkundig wordt gesloopt.
Monte Paschi kan geen nieuwe investeerders vinden.
Dat zal niemand verbazen, hoop ik.
En dus is belastinggeld toch weer nodig en de navelstreng tussen staat en bank is weer hersteld.
Dat zal wel kunnen via een ontsnappingsclausule in dat bankenunie gedoe.
Nood breekt wet.
En welk land zal het volgende zijn.
Want Italië is niet het enige land met overdadige Non Performing Loans, of te wel verholen verliezen.
Denk eens in hoe de situatie zou zijn bij een Fiscale Unie van de eurozone.
Want dan betaalt niet het land van de bank maar de eurozone.


Fake News of Onwelvallig News
                     waar ligt het verschil
                                   lees het
in
                 "naarhethemleek.blogspot.fr"










Aucun commentaire:

Enregistrer un commentaire